Meer over de projecten in Kameroen en India op
SubtitlingWorldwide.com.

 

Onder aan deze pagina:

De tien belangrijkste basisregels voor ondertiteling in het Nederlandse taalgebied.

 

 

 

 

 

 

 

 




Workshops and discussion group for Salto-filmers in Amsterdam

Salto-project

Salto is het openbare radio- en televisiekanaal van de gemeente Amsterdam, en zendt programma's uit van o.a. Demet-TV, Prisma-TV, Y-TV, CR-TV, Edge entertainment, SME-TV enz.

In 2007 besloot de Amsterdamse gemeenteraad ter bevordering van de integratie de buitenlandstalige programma's van Salto TV door de aanbieders zelf te laten voorzien van Nederlandse ondertiteling.

In de loop van 2007 werd een ondertiteltool voor Salto ontwikkeld door ArtiVisuals, en wij werden er eind 2007 bij gehaald om de ontwikkeling te helpen voltooien en workshops te verzorgen voor de vele Salto-filmers ofwel -aanbieders.

Er bleek sprake van veel verschillende talen - Sranantongo, Turks, Somalisch, Ethiopisch, Urdu, Chinees, Russisch en uiteraard Engels en Nederlands.

Rob Linders van ArtiVisuals legt procedure en werking uit  van de Salto-subtitler

In januari 2008 werden vier workshops gegeven ten kantore van Salto-buur MediaGilde, en de filmers leerden de theoretische en praktische basis van het ondertitelen. Door het timen te oefenen, zetten ze hun eerste stap in de ontwikkeling van hun ondertitelvaardigheden.

Veel aandacht werd besteed aan het enorme verschil tussen goede en slechte ondertiteling. Na het zien van een slecht ondertiteld filmfragment, zei een van de deelnemers spontaan: 'Je kan niet eens meer kijken.'

De verscheidenheid aan talen vormde een uitdaging, aangezien ondertitelregels aangepast moeten worden aan de talencombinatie (bij Engels-Nederlands kunnen we 'yes' en 'no' weglaten, maar bij het Chinees kan dat niet). Mede daarom stonden vooral de algemene principes van het ondertitelen centraal.

Bartho Kriek - uitleg en demonstratie van de beginselen van het ondertitelen

Follow-up
Om ondertitelaar te worden moet je drie maanden studeren en twee jaar ervaring opdoen, en de meeste Salto-aanbieders zullen geen ondertitelaar worden. Hoewel ze een goede start maakten, was duidelijk dat enige verdere assistentie noodzakelijk was.

We kozen voor een Google-discussiegroep, een beproefd middel om mensen bij het leren te helpen waarbij ze tevens elkaar kunnen helpen.

Behalve de Google-groep maakten we een overzicht van de tien belangrijkste ondertitelregels voor het Nederlands taalgebied.

* * *


De 10 belangrijkste basisregels ondertitelen in NL

  1. Ondertitels moeten zo min mogelijk storen, en dus kort en bondig zijn, geen fouten bevatten, in een rustig ritme in beeld komen en verdwijnen en één stijl hanteren.
  2. Ondertitels moeten zoveel mogelijk op zichzelf duidelijk en begrijpelijk zijn. 
  3. Ondertitels zijn gecomprimeerde teksten, die toch goed moeten lopen, dus geen telegramstijl, geen concessies aan grammatica, geen concessie aan de vertaling.
  4. Om goed zichtbaar te maken wanneer er een nieuwe ondertitel begint, zit er tussen ondertitels altijd een interval, een ondertitelloze periode van (meestal ) 3 frames.
  5. Wat de kijker begrijpt, kan worden weggelaten – dit zijn bijvoorbeeld namen, uitroepen, krachttermen, instemmende opmerkingen, ontkenningen en papegaaien (echo’s).
  6. De intijden (waarop de ondertitels in beeld komen) vallen altijd een fractie (3 frames) voor de spreker hoorbaar is.
  7. Ondertitels staan wat langer in beeld dan de spreker hoorbaar is, ze krijgen een uitloop van ½ tot 1 ½ seconde. Begint er in die periode een nieuwe ondertitel dan krijgt de intijd daarvan voorrang.
  8. Ondertitels hebben een maximum duur van 7 à 8 seconden. Vuistregel: één regel tekst = 3 seconden.
  9. Woordgroepen dienen zoveel mogelijk bij elkaar gehouden te worden, dat maakt ondertitels enorm veel leesbaarder:

    Als je woordgroepen niet bij
    elkaar houdt, is het slechter leesbaar.


    Als je woordgroepen
    wel bij elkaar houdt, is het beter leesbaar.


  10. Belangrijke Nederlandse stijlregels:
    -hé, hè en oké.
    -liedjes en gedichten: geen hoofdletter aan het begin, hooguit een vraagteken aan het eind.

    -een dubbeltitel ziet er zo uit:

    Hier komt wat de eerste spreker zegt.
    -Na dit streepje staat de tekst van spreker 2.


    -Doorlopende ondertitels worden uitgepunt

    Als een spreker
    over meerdere titels doorgaat…

    krijgt de eerste titel aan het eind drie puntjes,
    en begint de tweede met een kleine letter.

* * *